vrijdag 27 november 2009

La Paz en Lago Titicaca

Vorige week op donderdagavond ben ik met Lidewij vertrokken naar La Paz waar we de volgende dag in de middag aankwamen. In de stromende regen. We waren even bang dat het het hele weekend zo zou blijven, maar zaterdag begon gelukkig de zon te schijnen. Ik vond La Paz een gave stad. Groot, midden in de bergen, modern, maar toch ook weer niet, vriendelijke mensen én erg goedkoop. De mensen zijn er ook erg bijgelovig. Zo is er een heksenmarkt waar ze lamafoetussen verkopen (brengen geluk) en allerlei kruidenmengseltjes. Er zijn ook waarzegsters. Zij willen alleen niet de toekomst voorspellen van vreemden. Ik heb dus nog steeds geen idee hoe mijn toekomst eruit ziet. Misschien ook maar het beste. We hebben de stad bezichtigd, gewinkeld en her en der wat gedronken en gegeten. Lidewij is op zondagmiddag weer teruggegaan richting Cusco, want de baas riep. Na een horrorrit met buikpijn, vertraging en een overnachting in Copocobana mét een vervelend macho Peruaantje is ze gelukkig heel aangekomen. Ik had die dag afgesproken met een jongen die ik had leren kennen in Cusco en in La Paz woont. Hij heeft mij wat mooie plekken van de stad laten zien en we zijn naar Valle de la Luna gegaan. Dat was wel heel gaaf. Zoals de naam al zegt is het ´net als de maan´. Erg apart. Ze zien ook allerlei vormen in die gebergten, zoals een vrouw met een hoed, een opa en een poema.

Maandag ben ik met een groep ´el camino muerte´, oftewel ´the death road´, gaan fietsen. Dit is een weg van ongeveer 60 km die een uur buiten La Paz start op ongeveer 4000 m hoogte en eindigt in het dorpje Coroico aan de rand van de Selva een stuk lager. Het eerste deel is verhard en het tweede stuk, het grootste deel, is onverhard. Enkele jaren geleden was deze onverharde weg de enige weg naar het dorp en dit pad kent hele stijle afgronden. Er zijn toen vele auto´s de afgrond ingereden. Vandaar dus ´the death road´. Een paar jaar geleden is er een nieuwe weg aangelegd, waardoor er geen auto´s meer rijden. Nu organiseren ze er fietstochten. Erg tof. Het verharde deel ging best snel. Ik ben niet zo´n waaghals, dus ik moest er even aan wennen. Maar het was wel erg gaaf en ik was ook niet de sloomste. Er waren ook een paar Japanners mee, waaronder een meisje dat de hele rit heeft gegild. Het onverharde deel was in een mooie omgeving, maar wel zwaarder, omdat je steeds aan het focussen bent op de weg om te verkomen dat je valt. Voor de afgronden ben ik niet bang geweest, die zie je vooral op de foto´s en minder wanneer je aan het fietsen bent. Ik probeer nog wat foto´s op de site te zetten. Ik heb een dvd ermee vol staan, maar ik kan in weinig internetcafe´s dvd´s openen... Wellicht wat later, want ze zijn wel erg leuk.

De volgende dag heb ik de bus gepakt naar Copacobana, een dorpje in Bolivia aan het Titicacameer. Dit meer kent een oppervlate van ruim 8000 km2, ligt op 3812 m hoogte en is daarmee het hoogste meer ter wereld. Het meer ligt in Peru en Bolivia. Vanuit Copacobana ben ik naar het eiland Isla del Sol gegaan, waar ik een nachtje heb geslapen. Dit is klein en rustig eilandje. Ik heb wel even gedacht ´wat doe ik hier eigenlijk´, want ´s-avonds was er niks te beleven. Ik heb ´s-middags wat rondgewandeld en ben vroeg gaan slapen. De volgende ochtend ben ik al vroeg richting de haven gelopen. Er was bijna niemand op het eiland, de zon scheen en de uitzichten waren prachtig. Ik heb er mooie foto´s geschoten.

Vervolgens ben ik vanaf Copocobana naar Puno gegaan, weer in Peru. Hier heb ik een uitstapje gemaakt naar de Uros eilanden. Ongeveer 2000 mensen wonen hier op zelfgemaakte drijvende eilanden. Hierop staan dorpjes met rieten hutjes. Dit zie je nergens anders in de wereld. Het is wel een toeristische attractie geworden en daar maken de bewoners gebruik van. Terecht. Ze verkopen er allemaal spulletjes, je kunt er overnachten en wanneer je weggaat zingen ze liedjes voor je (waaronder vamos a la playa!). Ik vond het wel grappig. Het lijkt namelijk net een pretpark, speciaal opgezet voor toeristen, maar dat is het niet. De mensen leven er echt én nog vrij alternatief en traditioneel.

Diezelfde avond ben ik teruggegaan naar Cusco. De bus die ik geregeld had was alleen gecanceld (voor de verandering) en ik moest met één of andere goedkope maatschappij mee. Na moeilijk doen kreeg ik én geen geld terug én het was te laat om met een andere maatschappij mee te gaan. Niet echt leuk, want ik had geboekt bij een goede maatschappij, dacht ik, en dan word je zo behandeld. Ik wilde gewoon naar huis dus toen zat ik in een eenvoudige bus die overal stopte en vol zat met Peruanen en al hun spullen. Ik zat niet echt lekker, omdat ik bang was dat mijn backpack gejat zou worden tijdens één van die stops, ik de bus niet echt vertrouwde, ik nog steeds boos was en ik geen beenruimte had. Van slapen kwam dus weinig. Jammer, want veel toeristenbussen zijn best wel goed. Maar ook ik ben heel aangekomen. Morgen vertrek ik met de bus naar Lima en ik heb een ticket gekocht van de beste maatschappij. Zij hebben bussen met hele brede stoelen die bijna plat kunnen, ze draaien engelstalige films en serveren maaltijden. Zo kom ik die 20 uur wel door.

Tot slot wil ik iedereen nog bedanken voor alle reacties die binnen komen via verschillende wegen. Ik begrijp ondertussen dat reageren via mijn blog niet altijd werkt, maar mailtjes, berichtjes, krabbels etc. alles komt gewoon aan. Verder ben ik ook blij dat mijn blog leuke gespreksonderwerpen en herrineringen oplevert. Zo ontving ik deze foto van mijn moeder en mijn tantes die tijdens het zussenweekend onder het genot van een drankje druk aan het kletsen zijn over Peru en Zuid-Amerika :-)

Dit was mijn laatste bericht vanuit Cusco. Vanavond heb ik een afscheidsetentje en dan lekker op reis. Het volgende verhaal wellicht vanuit Chili! Nieuwe foto´s op: http://picasaweb.google.com/Bregje.op.reis/LaPazLagoTiticaca


zaterdag 14 november 2009

De Inka Trail

Vorig weekend heb ik de Inka trail gelopen. De trail start in de buurt van Ollantaytambo, 2 uur van Cusco, en eindigt bij de Machu Picchu. De Machu Picchu is een Inka stad die nooit ondekt is door de Spandjaarden. In 1911 is de Machu Picchu ontdekt door een Amerikaanse wetenschapper. Ze denken dat de stad een koningenverblijf was, omdat de stad in een onbegaanbaar gebied ligt, maar zoals zo vaak weten ze het eigenlijk niet zeker. Heel veel info is te vinden op internet voor de geinteresseerden.

We waren met een internationale groep van 18 personen, waaronder ik, Lidewij, Louisa en Alex (vrijwilligers). Daarnaast waren er 15 porters en 3 gidsen. En respect voor de porters, die in ´no time´ met tenten, voedsel, gasflessen etc. op hun rug de trail lopen. Voor ons wel handig, want bij aankomst stonden onze tentjes klaar en werd er een warme maaltijd bereid. Er staat een foto op de site met alle porters en dat zijn allemaal van die verlegen bergmannen die alleen Quechua spreken. Ze zijn echt nog een beetje wereldvreemd. Maar wel sterk. De Machu Picchu en de andere ruines die we onderweg zijn tegengekomen zijn opgebouwd uit grote stenen. Die stenen zijn allemaal door mensen naar boven gebracht. Ze hadden blijkbaar alleen lama´s en die konden maar een paar kilo dragen. Ik vind het nogal wat, maar voor de mannen is het enigzins normaal.

De trail bestaat uit vier dagen. De eerste dag was een tocht van ongeveer 6 uur die vrij makkelijk is. Alleen begon de dag niet als verwacht. Toen we onze entreebewijzen en paspoorten moesten tonen vroegen ze aan mij of ik ook mijn studentenkaart kon laten zien, omdat ik de reis geboekt had met studentenkorting. Helemaal vergeten! Ik dacht: ´dat is vast geen punt´, maar wel dus. Ik mocht er niet in. Bijbetalen was geen optie, want dat zou een hele dag duren, omdat dat administratief geregeld moest worden op kantoor in Cusco bla bla. Toen heb ik Erika gebeld en zij heeft mijn pasje met een taxi laten brengen. Dat kostte met natuurlijk meer dan de korting.. En ik kreeg ook nog een beetje ruzie met de gids, omdat zij mij erop wees dat ze het dinsdag tijdens de briefing verteld had, en dat viel niet zo goed. Toen ging ik de discussie aan dat ik het slecht vond dat ze geen checklisten ofzo meegaven en dat haar Engels slecht was en dat ze dus niet kon verwachten dat wij alles van haar begrepen. Beetje lullig, want de groep was al vertrokken en ik moest de eerste dag met haar naar het kamp lopen. Maar toen we uiteindelijk onderweg waren kon ik er wel weer om lachen en besloot ik maar te genieten van de tocht. Na 2 uur hadden we ook de groep al ingehaald. Achteraf viel het dus mee.

De tweede dag was het zwaarst. We begonnen met 5 uur stijgen naar de ´dead womens pass´ die op 4200 m hoogte ligt. Een groot deel van deze tocht bestaat uit trappen die net te hoog en groot zijn, waardoor je continu boven je macht aan het lopen bent. Eigenlijk niet leuk. Lidewij en ik zijn op het gemakje naar boven gegaan en hebben af en toe een pauze ingelast. Het is wel extra bijzonder wanneer je de pas bereikt hebt en ook het uitzicht was geweldig. Na de pas moesten we ongeveer twee uur dalen om bij het kamp te komen. Daar kwamen we al in de middag aan, zodat er genoeg tijd was om uit te rusten. De derde dag is de langste dag, maar ook de mooiste. Het was een tocht van 16 km, waarvan een deel plat was waardoor je eindelijk normaal kan kletsen tijdens het wandelen. De omgeving vond ik ook heel mooi. We kwamen in het amazonegebied aan en alles werd kleurrijker, maar geen aapjes enzo, want het was the high jungle. Wel erg mooi.

De vierde dag vertrokken we heel vroeg om op tijd de Machhu Picchu te bereiken. En we hadden geluk. Vanaf de zonnetempel konden we de stad zien. De stad ligt vaak verborgen in mist, maar toen we aankwamen klaarde de lucht op, wat toch een bijzonder moment was. Grappig, want volgens mij heeft iedereen het gevoel zelf de stad te ontdekken. En dagelijks starten iets van 500 mensen met de trail. Ook hebben we geen regen gehad. De week voor vertrek regende het dagelijks, dus ik zag al een beetje tegen de trail op. Ook omdat onze Lares trip nogal zwaar was en ik 4 dagen ´Lares´ in mijn hoofd had. Maar achteraf is het me heel erg meegevallen. De tocht was beter gedoseerd en alles was goed geregeld. Ik heb ook echt weer genoten van de natuur en de omgeving. Ik merk na 2,5 maand in Peru te zijn, dat ik begin te wennen aan de omgeving (de bergen). In het begin had ik dagelijks iets van ´F***´ wat mooi en dat begint minder minder te worden. Tijdens deze trail had ik dat weer wel. De uitzichten waren zo inmens. Eigenlijk moet je het gewoon zelf zien, maar de foto´s geven uiteraard een beeld.

Tot slot. Mijn einde hier in Cusco begint al heel dicht bij te komen. De tijd is echt voorbij gevlogen! Volgende week is alweer mijn laatste werkweek. Dan ga ik een weekje naar La Paz, Puno en Lago Titicaca. Dan keer ik terug naar Cusco om mijn backpack definitief in te pakken en afscheid te nemen. En dan vertrek ik naar Lima deel 2 van mijn reis. Erg leuk is dat Marieke komt voor 4 weken, een goede vriendin van thuis. Met haar ga van Lima naar Santiago de Chili reizen. Super! Ik heb er zin in! Wat ik het meest ga missen zijn alle kindjes en vooral hun knuffels en kusjes. Nog een weekje van genieten.

Foto´s van de Inka trail staan op http://picasaweb.google.com/Bregje.op.reis/DeInkaTrail

maandag 2 november 2009

Een goede douche

Señorita, amiga, profé, teacher, mami, gringita. Het zijn allemaal namen die ik hier krijg. Vrouwen worden hier vaak mami genoemd en mannen papi. Gringita is de vrouwelijke vorm voor gringo, waarmee Noord-Amerikanen en Europeanen bedoeld worden, blanken dus. Op straat ben ik nog nooit zo genoemd. Echter, die kleine kindjes schijnen gewoon te zeggen wat ze zien, en op school noemen sommige kindjes mij dus gringita. Al worden ze wel gecorrigeerd door de juf, mijn moeder vertelde dat het niet beledigend is ofzo, dus ik vind het wel grappig. Een andere vrijwilligerster had gehoord dat kindjes je ook gerust gordita durven te noemen, als je dik bent dan, want gordo betekent dik. Ik zal wat meer over mijn werk vertellen. Ik kreeg namelijk al vragen of ik uberhaupt nog wel werk. Drie ochtenden help ik op een school, Chinchaysuyo, en de middagen werk ik op een opvang, Huyai Wasi (of iets in die richting..).

De school is erg klein en heeft in totaal drie lokalen en juffen. Het leeftijdsverschil in de klassen is erg groot. Vaak geef ik samen met een andere vrijwilligster Engelse les en daarnaast help ik de kinderen met hun taken. Dat is leuk om te doen. Soms bedenken we spelletjes en dat is altijd lachen. Ze zijn namelijk erg fanatiek. Ik sta er soms wel van te kijken wat een rommeltje de school is. Elke dag is weer een verassing hoe de dag eruit ziet. Soms is er geen profesora, soms stopt de pauze niet (en ze krijgen maar 3,5 uur per dag les), kinderen komen te laat, ze snoepen in de klas, letten niet op en soms lopen er kinderen halfverwege weg om te spelen op de patio. Leergierige kinderen worden niet uitgedaagd iets met hun intelligentie te doen en er is ook weinig tijd en aandacht voor de kinderen die iets niet begrijpen of een achterstand hebben. Er zijn kinderen van 8 die niet begrijpen wat 2 x 2 is. Alfredo bijvoorbeeld. Die jongen let nooit op, schrijft nooit mee en speelt het liefst met zijn flippo´s in de klas. De juf zegt er weleens iets van, maar vaak ook niet. Volgens mij leert die jongen helemaal niets. Dat is zo zonde! Waar en in welk gezin je geboren wordt is hier nog steeds bepalend voor je toekomst. Goed onderwijs kost in Peru nu eenmaal geld. Dat is toch lastig te verkroppen. Ik heb een beetje het idee dat de profesoras zich neerleggen bij de situatie. Ik weet wel dat er weinig geld is en tijd voor onderwijs, maar ik zou zo al een paar verbeterpuntjes kunnen noemen.... Maar wie ben ik om dat te doen... Ik hoor vergelijkbare verhalen van andere vrijwilligers.

Het middagproject is weer heel anders. Hier komen alle kinderen uit die wijk naartoe om hun huiswerk te maken en daarna kunnen ze spelen en knutselen. Er werken ongeveer 10 vrijwilligers in totaal. Een leuke groep. De opvang is bovenop een berg en dat betekent zeker 15 minuten stijl omhoog lopen omdat er nog geen bus gaat (pas vanaf december, als ik vertrek). Onderweg komen we altijd kindjes tegen die je van verre roepen en gezellig meelopen. Ook de buurt is leuk. Iedereen zegt altijd gedag. Net een dorp. Veel ouders hier blijken in de bouw te werken en geen tijd te hebben om de kinderen te helpen met hun huiswerk. Ook kunnen ze vaak niet goed lezen of schrijven. Ik kan de kinderen goed helpen met w¡skunde en Engels. Met Communicatie en Biologie zit ik erbij met mijn woordenboek en kan ik het soms nog niet uitleggen. Erg irritant. Gelukkig werken er meerdere Spanjaarden die daar mee kunnen helpen. Vorige week zijn we met alle kinderen naar de speeltuin gegaan. Ook hebben we een dag met de vrijwilligers broodjes gebakken voor alle kinderen. In een bakkerij met een houtoven. Het bakken was in het kader van een feestdag, de dag van de levenden. Vrouwen krijgen brood in de vorm van een baby (wawa) en mannen in de vorm van een paard. Ik hoorde gisteren dat de feestdag precies negen maanden na carnaval is en dat daarom de vrouwen een baby krijgen. Misschien ook een leuk ritueel in Brabant. Die paarden snap ik alleen niet.

Verder begin ik de laatste tijd te merken dat ik een beetje´heimwee´ krijg. Zo mis ik het om mijn eigen eten te koken, om op te staan en met de krant mijn ontbijt te nuttigen ipv om 8.00 uur met de familie, om lang uit op de bank films te kijken met vrienden, centrale verwarming en af en toe een goede douche. De douches hier zijn namelijk echt gaar. Die in mijn gastgezin werkt op electriciteit en ik ben altijd bang dat ik geelectrocuteerd word. Verder is de badkamer koud, omdat er geen CV is. De douche is alleen warm als je hem heel zachtjes zet en electriciteit is erg duur, dus ik mag ik niet te lang doucen. En omdat die straal blur is, moet ik er juist langer onder staan om mijn haar uit te spoelen en ook om warm te worden. Douchen hier is dus eerder stressen i.v.p. relaxen. En nu is een goede douche toch één van de geneugten in het leven. Ik weet het, ik vind mezelf ook een verwend trutje!

Nu ben ik twee weekenden terug met Lidewij en Uli naar Arequipa gegaan voor 4 dagen. Erwin heeft hier twee weken taalles genomen en raadde ons een hostel aan. ´Niet duur, midden in het centrum, een groot dakterras, en echt super lekkere douches´. We hoefden dus niet lang na te denken. We wilden eigenlijk twee dagen hiken in de cañon, maar toen we eenmaal in Arequipa waren en erachter kwamen dat, naast de geweldige douche, ook het weer ideaal was, besloten we langer in de stad te blijven. We hebben wat musea bezocht in de stad, maar vooral ook gerelaxed: koffie drinken, picknicken in het park, koken in het hostel, op stap, naar de bioscoop (die er in Cusco niet is) en lekker uit eten. We waandde ons meer in Europa, dan in Zuid-Amerika. De laatste dag zijn we met een bus naar de Cañon del Colca gegaan. Beetje jammer was dat we al om 2.00 uur ´s-nachts moesten opstaan, omdat we om 2.30 uur werden opgehaald. Vervolgens hebben we de hele dag in de bus gezeten, zijn we uitgestapt om condors te spotten (gezien!) en weer teruggereden naar Arequipa. Die avond weer de nachtbus gepakt naar Cusco. De volgende keer doe ik toch liever een hike, alhoewel ik echt genoten heb van de stad!

Afgelopen weekend ben ik, ook met Lidewij en Uli, naar Curahuasi gegaan. Een dorp 2,5 rijden van Cusco. Uli woont nu voor een paar maanden in Cusco om de taal te leren. Daarna gaat zij bijna drie jaar in een ziekenhuis in Curahuasi werken. Vrienden en familie sponseren haar om dit te kunnen doen, want het is vrijwillig. Het ziekenhuis is drie jaar geleden opgeleverd en opgericht door een Duits echtpaar. Er werken meerdere Duitsers, maar vooral Peruanen. Het is een klein dorp en ook een klein ziekenhuis, vergeleken met ´mijn´ ziekenhuis bijvoorbeeld. Leuk om dit te zien. Ook dit weekend hebben we lekker rustig aan gedaan (meer was eigenlijk ook niet mogelijk). We logeerden bij een Duitse vrouw die hier nu twee jaar woont en verder zijn we ook bij Michael geweest. Wij kennen hem van de taalschool in Cusco en hij werkt en woont voor een jaar in het ziekenhuis. Bij hem hebben we wederom films gekeken, gekookt en goed gedouced. Het weer was anders dan in Cusco. Warm! Een genieten weekend dus en ook prima omdat ik volgend weekend de Inka trail ga lopen (vier dagen). Ik hoop op een positief verslag:-).

Tot slot. Ik heb allemaal nieuwe foto´s op de site gezet. Van mijn vrijwilligerswerk, van Arequipa, van mijn gastgezin, van Curahuasi, van een geroosterde cavia en wat stapfoto´s (zie ook map Cusco). http://picasaweb.google.com/Bregje.op.reis Veel liefs.

Volgers